Meld je aan en ontvang het laatste nieuws!

Aanmelden
'Veiligheid begint waar de vanzelfsprekendheid ophoudt’
08 Oktober 2026
'Veiligheid begint waar de vanzelfsprekendheid ophoudt’

Van een ernstig arbeidsongeval dat een leven voorgoed veranderde tot slimme kleding die ongevallen moet helpen voorkomen. De tweede dag van Safety&Health@Work in Rotterdam Ahoy liet donderdag zien hoe breed het veiligheidsvraagstuk inmiddels is. Rijkswaterstaat staat voor de grootste onderhoudsopgave uit zijn geschiedenis en zoekt naar manieren om veiligheid steviger te verankeren. Ondertussen dienen nieuwe technologieën zich aan die risico's al kunnen signaleren voordat het misgaat. Toch klonk door de verschillende lezingen één boodschap: uiteindelijk begint veiligheid bij mensen die naar elkaar luisteren, elkaar aanspreken en verantwoordelijkheid nemen.

Eén ongeval, een leven lang gevolgen

Soms zegt een persoonlijk verhaal meer dan duizend veiligheidsprotocollen. Johan Tins weet dat als geen ander. Tijdens zijn lezing Leren van arbeidsongevallen: van incident naar inzicht nam hij zijn publiek mee naar de glasfabriek waar hij als monteur werkte. Een vertrouwde werkomgeving, bekende collega's, dagelijkse routines. Totdat een machine onverwacht werd vrijgegeven en alles veranderde.

Tins raakte ernstig gewond. Pezen, een slagader en zenuwen in zijn rechterhand werden beschadigd. Na maanden revalidatie volgde het onverteerbare bericht dat hij zijn geliefde vak als monteur nooit meer zou kunnen uitoefenen. "Je hand is je gereedschap als monteur. En ik was monteur in hart en nieren."

Maar de lichamelijke schade bleek slechts een deel van het verhaal. Tins vertelde openhartig over de psychische gevolgen, de moeizame terugkeer naar zijn werk en een verzekeringskwestie die tien jaar zou duren. Uiteindelijk werd PTSS vastgesteld. Het ongeval werkte door in zijn gezin, zijn huwelijk en zijn vertrouwen in de organisatie waarvoor hij werkte.

Veelzeggend was zijn verhaal over de eerste terugkeer naar de fabriek. Na drie maanden in een revalidatiecentrum ging hij op uitnodiging koffie drinken met collega's. Bij binnenkomst zag hij een veiligheidsposter. De boodschap kwam bij hem over als een verwijt dat hij zelf niet voorzichtig genoeg was geweest. "Ik was enorm boos. Ik was verdrietig." Zijn collega's merkten niets. Hij zette een pokerface op en dronk zijn koffie.

Het illustreert hoe groot de afstand kan zijn tussen de bedoeling van veiligheidscommunicatie en de beleving op de werkvloer.

Zou je je eigen kind hier laten werken?

Tins, tegenwoordig betrokken bij Stichting Arbeidsongevallen, pleitte ervoor om na incidenten verder te kijken dan de individuele fout. Welke veiligheidsbarrières hadden het ongeval moeten voorkomen? Waarom werkten ze niet? En wie voelde zich daadwerkelijk verantwoordelijk? Zijn definitie van veiligheid is opvallend eenvoudig: "Zorg hebben voor elkaar, luisteren naar elkaar, zien met elkaar, spreken met elkaar, melden met elkaar."

En voor wie dat nog wat abstract vindt, heeft hij een even simpele als confronterende toets. "Wat zou jij ervan vinden als jij je kind hier op deze werkvloer los zou laten? Mag hij hier stage lopen, ja of nee?"

De grootste onderhoudsbeurt ooit

Van de menselijke gevolgen van één ongeval naar een veiligheidsopgave van nationale omvang. Nienke Bagchus, kwartiermakend directeur Veiligheid bij Rijkswaterstaat, en Anton van Opzeeland, strategisch adviseur Veiligheid, schetsten de enorme uitdaging waarvoor hun organisatie staat.

Rijkswaterstaat beheert ruim 5.400 kilometer rijkswegen, 1.143 bruggen, 27 tunnels en circa 6.300 kilometer vaarwegen. Een aanzienlijk deel van die infrastructuur dateert uit de jaren vijftig, zestig en zeventig en nadert het einde van zijn technische levensduur. Nederland staat daarmee voor wat Rijkswaterstaat zelf de grootste onderhoudsopgave ooit noemt.

Dat onderhoud moet plaatsvinden terwijl het land gewoon doordraait. Vrachtwagens moeten blijven rijden, ambulances moeten ziekenhuizen kunnen bereiken en schepen moeten hun bestemming halen. Tegelijkertijd moeten duizenden medewerkers van aannemers en onderaannemers hun werk veilig kunnen uitvoeren.

Hoe ingewikkeld dat is, bleek uit een praktijkvoorbeeld van een brug waarbij onvoldoende wapening in het beton werd ontdekt. De eerste reflex was logisch: zwaar vrachtverkeer weren. Maar daarmee verplaatst het veiligheidsrisico zich mogelijk naar wegen door woonwijken, waar plotseling veel meer vrachtwagens langs fietsers en schoolkinderen rijden. Een technisch probleem verandert zo razendsnel in een maatschappelijk veiligheidsvraagstuk.

Volgens Bagchus en Van Opzeeland vraagt dat om een bredere benadering van veiligheid. Rijkswaterstaat heeft immers verschillende verantwoordelijkheden: als beheerder van infrastructuur, als werkgever én als opdrachtgever. Daarbij krijgt de organisatie nadrukkelijker aandacht voor veiligheid in het ontwerp, de aanbesteding en de uitvoering.

Veiligheid laat zich niet afvinken

Rijkswaterstaat werkt aan een vernieuwde inrichting van zijn veiligheidsorganisatie, waarbij ook de samenwerking met opdrachtnemers centraal staat. De Safety Culture Ladder speelt daarin een belangrijke rol. Sinds juli 2023 gelden voor betrokken opdrachtnemers eisen op het gebied van veiligheidscultuur. Maar een certificaat aan de muur is nog geen garantie voor een veilige bouwplaats.

Tijdens de presentatie kwam onder meer naar voren dat risico-inventarisaties en veiligheidsplannen nog te vaak bestaan uit verouderde informatie of gekopieerde teksten. Documenten zijn dan formeel aanwezig, terwijl de daadwerkelijke risico's onvoldoende in beeld zijn. Ook de spanning tussen planning en veiligheid kwam aan bod. Rijkswaterstaat heeft contracten doorgelicht op bepalingen en boetes die onbedoeld onveilig gedrag kunnen uitlokken. Want wie een aannemer onder grote tijdsdruk zet, moet zich ook afvragen wat dat betekent voor de mensen die het werk uitvoeren.

Een andere uitdaging is de steeds internationalere bouwplaats. Lange ketens van onderaannemers, taalverschillen en uiteenlopende veiligheidsculturen maken heldere communicatie ingewikkelder. Juist daar ligt een belangrijke opdracht voor opdrachtgever én aannemer: ervoor zorgen dat iedereen begrijpt welke risico's er zijn en zich vrij voelt om onveilige situaties aan te kaarten.

Daarmee sloot de boodschap van Rijkswaterstaat naadloos aan op het eerdere verhaal van Tins: veiligheid ontstaat pas wanneer procedures, organisatie en praktijk daadwerkelijk met elkaar verbonden zijn.

Van beschermen naar voorspellen

En dan is er de technologie. Want waar Tins liet zien wat er gebeurt als veiligheidsbarrières falen en Rijkswaterstaat zich richt op het organiseren van die barrières, demonstreerde Guus de Hoog, Creative Director bij Elitac Wearables, hoe slimme technologie kan helpen risico's eerder te herkennen.

Zijn presentatie bood een fascinerende inkijk in de wereld van wearables: slimme kleding, sensoren, exoskeletten en draagbare elektronica die steeds nadrukkelijker hun weg vinden naar industrie, bouw, logistiek en defensie.

Maar De Hoog begon zijn verhaal met een waarschuwing. Wie denkt dat een smartwatch tegenwoordig alles over zijn gezondheid weet, overschat de technologie. Hartslag en stappen meten lukt onder bepaalde omstandigheden behoorlijk goed. Stress, slaapkwaliteit en andere complexe fysiologische processen zijn aanzienlijk lastiger betrouwbaar vast te stellen.

Gespecialiseerde wearables kunnen veel meer. Denk aan sensoren die gevaarlijke gassen detecteren, systemen die werknemers waarschuwen voor naderende voertuigen of polsbandjes die hittestress signaleren. Exoskeletten kunnen de fysieke belasting van zwaar werk verminderen en slimme koelvesten helpen medewerkers die onder hoge temperaturen moeten presteren.

Ook ergonomie en mentale belasting kwamen aan bod. Met sensoren kunnen bewegingen nauwkeurig worden geanalyseerd, bijvoorbeeld om verkeerd tillen te voorkomen. Andere toepassingen brengen stresspatronen en herstelmomenten in kaart.

En wat te denken van handschoenen waarmee medewerkers in virtual reality daadwerkelijk kunnen voelen hoe zwaar, hard of groot een voorwerp is? Daarmee kunnen risicovolle werkzaamheden worden geoefend zonder een productielijn stil te leggen of werknemers aan gevaar bloot te stellen.

Slimme technologie, lastige vragen

De volgende stap is volgens De Hoog het combineren van sensordata met kunstmatige intelligentie. AI kan patronen herkennen die voor mensen nauwelijks zichtbaar zijn en op basis daarvan waarschuwingen of adviezen geven.

Vooral edge AI, waarbij de data rechtstreeks op de wearable worden verwerkt, biedt perspectief. "De data hoeft niet meer eerst naar de cloud", legde hij uit. Dat maakt systemen sneller en beperkt de noodzaak om gevoelige informatie extern te verwerken.

Toch is de technologische ontwikkeling slechts één kant van het verhaal. Want wie is eigenaar van alle gegevens die zulke apparaten verzamelen? En hoe vrijwillig is toestemming voor monitoring eigenlijk wanneer de werkgever ook degene is die het salaris betaalt?

De Hoog benadrukte dat vertrouwen, privacy en daadwerkelijk voordeel voor de gebruiker cruciaal zijn. Een wearable die vooral voelt als een digitaal controlemiddel zal weinig enthousiasme oproepen. Een apparaat dat het werk aantoonbaar veiliger, gezonder of minder belastend maakt, heeft aanzienlijk meer kans van slagen.

De mens blijft de belangrijkste veiligheidsvoorziening

Daarmee kwam op de tweede beursdag een interessante tegenstelling aan het licht. De mogelijkheden om risico's te meten, te analyseren en zelfs te voorspellen worden steeds groter.

Tegelijkertijd blijken veel veiligheidsproblemen nog altijd terug te voeren op zaken die we al jarenlang kennen: miscommunicatie, routines, gebrekkige voorbereiding, productiedruk en onvoldoende aandacht voor signalen vanaf de werkvloer.

De technologie wordt slimmer. De infrastructuur ingewikkelder. De veiligheidsorganisatie professioneler. Maar dat alles heeft weinig waarde als niemand durft te zeggen dat iets niet veilig is.

Of, om terug te keren naar de vraag waarmee Johan Tins zijn publiek confronteerde: zou je je eigen kind hier laten werken?

Supporting partners
  • Bouwend Nederland
  • Evofenedex
  • eX:plain
  • NIBHV
  • SSVV
  • Volandis
  • VOMI
  • VVGW